Linksom én rechtsom: minder CO₂

SAM neemt in een drieluik de komende weken een kijkje in de keuken van de drie zwaartepunten van de HAN. Waar richten zij hun energie en aandacht op? En wat gaan we daarvan merken? Deze week praat Christien Lokman ons bij, programmamanager van het zwaartepunt SEE.

In het onderzoek en onderwijs van de HAN leggen een drietal zwaartepunten groot gewicht in de schaal: Health, Smart Region en Sustainable Energy & Environment (SEE). Zo beoogt de hogeschool, in hechte samenwerking met al haar stakeholders, meer impact te hebben en innovatie te bevorderen.

Waar focust het zwaartepunt SEE precies op?
‘Het zwaartepunt staat volledig in het teken van de landelijke klimaatdoelstelling van de overheid: 50% CO₂-reductie in 2030, 100% reductie in 2050. Daarbij focussen we op vier thema’s: een duurzame, betrouwbare en betaalbare energievoorziening; een duurzaam gebouwde omgeving en schone mobiliteit; een circulaire en biobased economie, en ten vierde meer toekomstbestendige professionals die van dit alles een succes kunnen maken.
Als rode draad loopt daar nog doorheen: mens en gedrag. De ervaring leert ons namelijk dat het, bij alle beschikbare kennis, meestal met de innovaties uiteindelijk wel goed komt. Daarnaast zal ieder van ons ook zelf in actie moeten komen. Van ’s avonds minder vanzelfsprekend vlees op tafel zetten tot niet telkens in een vliegtuig stappen voor zeg een stedentrip naar Praag of Berlijn.’

CO₂-reductie, van vitaal belang… maar ook een dure grap
Over focus gesproken: natuurlijk verliezen we niet uit het oog dat alle transities, hoe nodig ook, voor iedereen betaalbaar moeten blijven. De rekening mag niet vooral terechtkomen bij sociaal-economisch zwakkere groepen. Dat is unfair. Huiseigenaren zitten er dan warmpjes bij met hun warmtepomp en lagere energierekening, huurders die noodgedwongen gas blijven stoken, betalen zich intussen blauw. Dat kan niet de bedoeling zijn, gelet op de CO₂-aspiraties én gelet op een zo breed mogelijk draagvlak.’

Vanwaar de keuze voor deze thema’s?
‘De thema’s zijn gekozen aan de hand van de dingen die we al doen en waar we al goed in zijn, zoals in het succesvolle Centre of Expertise SEECE. Dat alles hebben we langs de meetlat gelegd van wat er in onze omgeving gebeurt. Chiquer gezegd: de regionale en landelijke agenda’s, van het landelijk klimaatakkoord tot ons samenwerkingsconvenant met de provincie Gelderland.
De gemeente Arnhem heeft bijvoorbeeld het project Hotspot Energy in het leven geroepen. Hiermee wil de stad zich nadrukkelijk opwerpen als innovatieve koploper onder de Nederlandse steden als het gaat om de energietransitie. Daar sluiten wij op aan. Of neem de ontwikkelingen rondom waterstof. Wij hebben een sterk lectoraat op het gebied van duurzame energie met veel kennis rondom waterstof. Tegelijkertijd zit er enkele kilometers hier vandaan op het IPKW (red.: Industriepark Kleefse Waard) een aantal gespecialiseerde bedrijven dat zich met innovaties wat betreft waterstof bezighoudt. Dan is het haast vanzelfsprekend dat je dit onderwerp bij de kop pakt.’

Programmamanager SEE Christien Lokman (fotograaf: Jacques Kok)

Je hebt de baan van programmamanager vast niet zomaar op je genomen. Wat maakt dit voor jou persoonlijk zo belangrijk?
‘Zoals zoveel mensen maak ik me zorgen over de klimaatverandering en de gevolgen ervan. Ook in Nederland wordt de impact nu echt merkbaar, zoals in de afgelopen zomer met vier kurkdroge maanden en het ene na het andere hitterecord. Het gaat mij aan het hart hoe wij als mens met deze aardbol bezig zijn. Onze kinderen en kleinkinderen bewijzen we zo een slechte dienst.
Alles is met alles verbonden op deze planeet. Zo ontstaan door klimaatverandering grote gebieden waar geen druppel water meer valt. Dat blijft niet zonder ontwrichtende uitwerkingen: armoede, vluchtelingenstromen, oorlogen en het verdwijnen van de biodiversiteit die nodig is voor het menselijk voortbestaan. Een doemscenario dat we moeten afwenden. De mensheid is aan zet, er zijn grote veranderingen nodig.
Daar kan ik nu actief aan bijdragen, door bewustzijn te creëren, te helpen met innoveren, kennis te delen enzovoort. Dat motiveert me elke dag. Bovendien ben ik blij dat ik een tastbare, zij het bescheiden bijdrage eraan kan leveren dat wij als HAN veel betrokken en bekwame professionals zullen opleiden die hier werk van gaan maken.’

‘Terecht wordt de energietransitie vergeleken met de industriële revolutie. Best een voorrecht om zo’n omwenteling te mogen meemaken’

Gaan we de aarde en onszelf redden? Hoe opgewekt of somber gestemd ben jij daarover?
‘Van alle nieuwsberichten over klimaatverandering en de impact ervan word ik niet altijd vrolijk. Bij veel SAM-lezers zal het niet anders zijn. Toch zie ik tegelijk schitterende kansen en dat stemt me dan weer positief. Het is een spannende en bijzondere tijd waarin we leven. De innovatiesnelheid is ontzagwekkend, hoger dan ooit. Er zullen, naast banen die verdwijnen, ook veel, méér zelfs, nieuwe banen en beroepen bijkomen. Terecht wordt de energietransitie vergeleken met de industriële revolutie. Best een voorrecht om zo’n omwenteling te mogen meemaken, vind ik.
De technologie is naar mijn overtuiging niet waar het wringt. Het grootste pijnpunt is het gedrag van mensen. Omarmen we die nieuwe technologie straks daadwerkelijk? Maken we die betaalbaar voor iedereen? Organiseren we ons tijdig en met de juiste schaalgrootte om in co-creatie tot nieuwe inzichten en aanpakken te komen? Pakt de politiek die handschoen met voldoende verve en visie op? Laatst nog in het nieuws: de zonnepanelenbezitters die in sommige provincies hun duurzaam opgewekte energie niet meer kunnen terugleveren. Waarom? Omdat de energieleveranciers hun infrastructuur nog onvoldoende op orde hebben. Werk aan de winkel, dus. Mensenwerk.’

Is je omgeving, binnen en buiten de HAN, net zo enthousiast over wat SEE voor ogen staat? Zo ja, waar merk je dat aan?
‘Om de focus van SEE te bepalen heb ik in- en extern duizelingwekkend veel gesprekken gevoerd, presentaties gehouden en ga zo maar verder. Noem het programmamanagen als Brugman. Op basis daarvan zijn de thema’s en projecten van de grond gekomen, continu in samenspraak met de achterban. Dit maakt misschien dat praktisch iedereen enthousiast is over de koers die we varen. Dat merk je al aan de vele spontane mailtjes en telefoontjes met verzoeken om een afspraak. Mensen stappen uit zichzelf naar voren met ideeën over hoe ze kunnen bijdragen. Geweldig.
In de omgeving van de HAN zijn het vooral Arnhem en de provincie die onze initiatieven in de driehoek van onderwijs, onderzoek en werkveld van harte toejuichen. Zeker ook omdat die zo fraai aansluiten op het project Hotspot Energy. Arnhem wil aantrekkelijk zijn voor energiebedrijven én een erkende vestigingsstad zijn voor ambitieuze studenten en jonge ondernemers.’

‘We werken in de komende jaren toe naar een SEE-Innovatiecampus, te ontwikkelen op het IPKW-terrein’

Hoe gaan we de focus terugzien in die al gememoreerde driehoek?
‘Met de thema’s als uitgangspunt zijn drie grote multidisciplinaire projectenopgetuigd die we langjarig financieel zullen ondersteunen: Aardgasvrije wijken; Waterstof & mobiliteit; Biomassa voor energie en grondstoffen. Deze projecten draaien niet alleen maar om onderzoek. Ze dienen een bredere waaier aan doelen: van kennisopbouw en uitbreiding van het netwerk tot meer onderzoeksvolume, grote subsidieaanvragen en onderwijsontwikkeling, met educatieve parels als een hybride leeromgeving en een living lab.

Studenten op weg naar hun toekomst op Industriepark Kleefse Waard

De projecten lopen, in opzet en werkwijze, vooruit op de campusvorming die ons voor ogen staat. We werken namelijk de komende jaren toe naar een SEE-Innovatiecampus, te ontwikkelen op het IPKW-terrein. Nu al is er The O-Zone, een project op het IPKW waarbij wordt samengewerkt in de driehoek middels hybride leeromgevingen. In het Mobility Innovation Center (MIC) wordt gewerkt aan mobiliteitsvraagstukken met een energiecomponent. Daarnaast ligt in het Energy for Sustainable Built Environment (ESBE) de focus op energie in de gebouwde omgeving. The O-Zone is van tijdelijke aard. Het is de bedoeling dat deze naadloos overgaat in de SEE-innovatiecampus.
De voordelen van zo’n campus zijn evident: studenten, docenten en onderzoekers dichter bij bedrijven brengen, co-creatie, curriculumverrijking, meer en slimmer innoveren, en ga zo maar verder. Voor bedrijven is het pure winst dat ze ruime toegang krijgen tot de kennis van lectoraten. Daarnaast krijgen ze zicht op goede studenten die ze later als werknemer aan zich kunnen binden.

Op 20 februari gaan we als direct betrokkenen, ook vanuit IPKW, gemeente, provincie en roc’s, op werkbezoek naar Dordrecht. Het College van Bestuur van de HAN is eveneens van de partij. We steken dan ons licht op bij de Duurzaamheidsfabriek, een prachtig voorbeeld van waar wij met de SEE-Innovatiecampus naartoe willen. Bedrijfsleven, onderwijs en overheid trekken daar intensief samen op, wat heeft geleid tot een vernieuwende inrichting van duurzaamheidsonderwijs. Vooraanstaande bedrijven participeren actief in praktijkgericht toponderwijs voor een nieuwe generatie technici.’

Kunnen onderzoekers, docenten en anderen die dit alles aanspreekt bij jullie aankloppen om mee te denken en mee te doen?
‘Absoluut, heel graag! We hebben nu per project trekkers benoemd, zij zullen een plan maken hoe dit verder te brengen, maar daar is sowieso iedereen voor nodig. Het zwaartepunt is niet van mij maar van de HAN, dus van ons allemaal! In dat kader gaan we vanaf donderdag 7 februari maandelijks een SEE-Café houden, deze eerste keer in Arnhem. De deuren staan open voor iedereen binnen of buiten de hogeschool. Na een presentatie of inleiding van een half uur volgt er steeds ruim de gelegenheid tot kennisuitwisseling en netwerken.’

Wat is er vooral nodig om een succes te maken van de focus van SEE?
‘Draagvlak, maar dat zit nu wel goed volgens mij. Iedereen snapt de urgentie. Op de tweede plaats: continuïteit in de financiële ondersteuning. Nu is dat nog zaak van een jaarlijkse afweging, zodat je niet met zekerheid weet hoe de vlag er in 2020 zal bijhangen; maar hieraan wordt gewerkt. Ten derde: de flexibiliteit van het onderwijs, essentieel om in de driehoek optimaal samen te werken. Dat is regelmatig nog een stevig obstakel. Het curriculum en/of de manier van lesgeven zijn bij veel opleidingen nog te zeer een keurslijf voor zoiets als een hybride leerweg. De komende academievorming aan de HAN is een uitgelezen kans om hier een grote slag in te maken.’

Wat gaat er in 2019 zoal gebeuren bij SEE, en met welk doel?
‘De drie grootschalige projecten zullen van start gaan en op stoom komen. Verder dienen we een subsidieaanvraag in bij de provincie om tot campusvorming te komen op het IPKW, samen met de gemeente Arnhem en het IPKW. Bovendien werken we nauw samen met hogeschool Van Hall Larenstein in Velp om ook daar tot de vorming van een kenniscampus op klimaatgebied te komen. Waar wij meer inzetten op energietransitie en CO₂-reductie, zetten zij hun kaarten vooral op klimaatadaptatie. Hoe loods je het water van de grote rivieren veilig door ons land, dat soort vraagstukken. Volop gelegenheid dus om met elkaar op te trekken en elkaar te versterken.’

Hoe ver reikt jullie ambitie? Wat is jullie gedroomde eindresultaat?
‘Merkbaar bijdragen aan de CO₂-reductie, dat is klip en klaar onze ambitie. Linksom én rechtsom, zou ik zeggen. Op elke mogelijke manier: via innovaties, gedragsverandering, een andere omgevingsinrichting, krachten- en kapitaalbundeling. Idealiter weten we dit voor elkaar te krijgen door met de gekozen focus een ijzersterke landelijke reputatie op te bouwen, onder onderzoekers, beleidsmakers, bestuurders en het grote publiek. Maar net zo goed onder aankomende studenten die deze planeet een warm hart toedragen en die toegewijd de handen uit de mouwen willen steken.

Verder droom ik nu al geregeld van een bruisende nieuwe campus. Een campus waar we een veelheid aan studenten voorbereiden op de wereld van morgen; en waar we met experts van bedrijven de handen ineenslaan om samen slimme innovaties tot stand te brengen.’

Meer informatie over het zwaartepunt SEE vind je hier. Het eerste SEE-Café (vanaf nu maandelijks afwisselend in Arnhem en Nijmegen) vindt plaats op donderdag 7 februari van 15.30 tot 17.00 uur. Plek van handeling: HAN Campus Arnhem, ICA-lounge, Ruitenberglaan 26. Aanmelden kan via see@han.nl.

Nieuwsbrief

Meld je aan voor de Kiemt-nieuwsbrief en blijf op de hoogte van het laatste nieuws op het gebied van Circulaire Economie en Energietransitie in Oost-Nederland

* indicates required